Podotherapie Dorien Ketelaars

Podotherapie Dorien Ketelaars, Veghel, Lichtenvoorde

Er zijn heel veel klachten welke door een podotherapeut behandeld kunnen worden. Hierbij kan gedacht worden aan:

  • Klachten aan voeten, benen, knieën, heupen en/of rug als gevolg van verkeerd staan en/of lopen (standsafwijkingen)
  • Voorvoetklachten
  • Overbelasting- of vermoeidheidsklachten
  • Standsafwijkingen van de tenen
  • Ingegroeide nagels
  • Huidaandoeningen zoals likdoorns en eelt
  • Klachten bij diabetes mellitus en reuma
  • Wondbehandelingen
  • Sportblessures
  • Specifieke voetproblemen bij kinderen

In het menu links staan specifieke klachten.

Er zijn verschillende klachten welke behandeld kunnen worden door een podotherapeut. Er zijn klachten welke bij iedere patiënt voor kunnen komen en welke meer bij specifieke groepen voorkomen zoals bij kinderen, sporters en patiënten met diabetes mellitus en reuma. Hieronder volgt een beknopt overzicht van de algemene en specifieke klachten.

Helaas is het niet mogelijk om hier alle klachten te vermelden. Bij twijfel neem dan contact op met uw huisarts of een podotherapeut.

De kindervoet is niet te vergelijken met een volwassen voet. Na de geboorte zijn namelijk nog niet alle botstructuren in de voet aanwezig en werken nog niet alle voet- en beenspieren optimaal. Dit heeft als gevolg dat de voetjes van baby’s vaak een platte vorm vertonen, dit komt mede doordat er een dik vetkussen onder de voet aanwezig is.

 

Tijdens het sporten wordt er veel verlangd van de spieren, pezen, banden en gewrichten. Dit komt doordat er tijdens het sporten wordt bewogen met een grotere snelheid, meer kracht en herhalende bewegingen welke in het gewone staan en lopen veel minder zijn. Dit kan blessures veroorzaken, met een contactsport is de kans om een blessure op te lopen nog groter.

Diabetes patiënten lopen bepaalde risico’s met betrekking tot de voeten. Door de wisselende bloedsuikerwaardes kunnen de zenuwen en bloedvaten veranderingen ondergaan. Daarom wordt er ook wel gesproken over de `diabetische voet`.

Hieronder een korte uitleg van de problemen welke de `diabetische voet` veroorzaken.

 

Op dit moment zijn er meer dan 200 aandoeningen bekend die onder de term `reuma`vallen. Iedere reumatische aandoening heeft zijn eigen oorzaken, symptomen en gevolgen; Uit onderzoek is gebleken dat 80 tot 96% van alle reumapatiënten voetklachten heeft! Door ontstekingsprocessen in en rondom de voetgewrichten kan uiteindelijk de voetvorm veranderen.

Een Mortonse neuralgie is een zenuwbeknelling tussen twee middenvoetsbeentjes. Waardoor de zenuw geïrriteerd raakt. Meestal betreft het de zenuw tussen het 3e en 4e middenvoetsbeentje, soms ook tussen het 2e en 3e middenvoetsbeentje. Bij irritatie van de zenuw, kan deze opzwellen waardoor de kans groter wordt om tussen de middenvoetsbeentjes klem te komen zitten. Het probleem ontstaat vaak op deze plek omdat hier twee zenuwbanen samen komen. Waar deze twee zenuwen samenkomen, is de zenuw dikker in doorsnede dan de andere zenuwen die naar de tenen gaan. Ook, ligt de zenuw in het onderhuidvetweefsel, net boven het vetpolster van de voet, dichtbij de bloedvaten(arterie en venen). Boven deze zenuw ligt een dik ligament(band) die de middenvoetsbeentjes bij elkaar houdt. Dit ligament is erg sterk, en vormt het dak boven de zenuw. Het grondoppervlak drukt, met elke stap, van onderuit tegen de verdikte zenuw en het dikke ligament geeft een druk naar beneden. Dit veroorzaakt compressie van de zenuw in de smalle ruimte tussen de middenvoetsbeentjes. 

Fasciitis plantaris (peesplaatontsteking)

Dit peesblad (fascie) loopt van het hielbeen naar de tenen toe en waaiert uit tot de kopjes van de middenvoetsbeentjes. Het steunt het lengtegewelf van de voet ter hoogte van de zool en vergroot als gespannen band de afzetkracht van de voet tijdens lopen en springen. Het peesblad is niet erg elastisch, omdat anders de voet fors zou doorzakken bij het staan en de afwikkeling verstoord zou raken. Een fasciitis plantaris wordt meestal veroorzaakt door een te grote trekkracht aan de aanhechting van de peesplaat onder de voet. 

In de groeifase moet het hielbeen in verschillende richtingen groeien. De groeischijf van het hielbeen bevindt zich aan de achterzijde van het hielbeen. Net erboven hecht de achillespees aan en een deel van de pees loopt door tot onder de hak. Bij sporten en/of een verkeerde stand van de voet kan de groeischijf en het kapsel eromheen geïrriteerd raken, wat een ontstekingsreactie kan veroorzaken. 

(De buitenste schil van het hielbeen (calcaneus) heet apophyse, zodat een ontstekingsreactie hiervan apophysitis calcanei wordt genoemd. Oftewel Morbus Sever) 

Het onderbeen bestaat uit twee botten, het scheenbeen aan de binnen-voorzijde en het kuitbeen aan de zij-achterkant. De twee botten worden verbonden door een sterke bindweefselplaat. Onderaan vormen het scheenbeen en het kuitbeen de benige onderdelen van respectievelijk binnen en buitenenkel. De botten worden omhuld door een dun beenvlies, dat goed doorbloed is en zeer gevoelig. Denk maar eens aan een stoot tegen de schenen, wat erg gevoelig is.

Aan het onderbeen ontspringen een aantal spieren. De diepe kuitspier, de achterste scheenbeenspier en de lange teenbuigspier zijn de belangrijkste.

Al deze genoemde spieren spelen een rol bij Shin-Splints, waarbij sprake is van irritatie van het beenvlies op de plaats van de aanhechting van de genoemde spieren aan het bot. Hierbij kan het ook gaan om een ontstekingsreactie. 

De tractus iliotibialis is een dikke bindweefselplaat(spierfascie) die vanaf de heupkam langs de zijkant van het bovenbeen en de buitenzijde van de knie loopt waar het zich vast hecht aan het onderbeen(tibia). Deze spierfascie wordt aangespannen door de grote bilspier(gluteus maximus) en de tensor fascia latae. Er ligt een slijmbeurs (bursa) ter hoogte van het uitstekende deel van het bovenbeen(femur) en de tractus iliotibialis om wrijving te voorkomen. De tractus iliotibialis heeft als functie het leveren van stabiliteit aan de buitenkant van de knie. Wanneer de knie buigt verschuift de ligging van de tractus iliotibialis iets naar achteren en wanneer de knie zich weer strekt schiet hij weer terug naar voren. Deze beweging is meestal verantwoordelijk voor de irritatie en ontstekingen van de tractus iliotibialis en slijmbeursontsteking. 

Het tarsale tunnel syndroom komt overeen met het meer bekende carpale tunnel syndroom (bij de pols) en wordt veroorzaakt door beknelling van een zenuw: de nervus tibialis.

De nervus tibialis volgt een lange, kronkelige route, vanaf de rug via de achterkant van het been naar de enkel. Vlak boven de enkel draait de zenuw naar binnen naar de binnen enkel toe. Daar ligt de nervus tibialis, samen met een slagader, tussen 3 spiergroepen in. Dit alles wordt strak bij elkaar gehouden door een stevige band(het ligament laciniatum) aan de binnenzijde van de enkel. De zenuw loopt als het ware door een tunnel; de tarsale tunnel. 

Hallux valgus is een standsafwijking van de grote teen. De grote teen staat hierbij naar buiten gericht. Soms ontstaat er een pijnlijke, ontstoken slijmbeurs aan de binnenzijde van de grote teen. Dit wordt een bunion genoemd. De grote teen zal in een verder gevorderd stadium ook in een gedraaide stand komen te staan. 

Op jonge leeftijd kan er al sprake zijn van hallux valgus. Op latere leeftijd komt het vooral voor bij vrouwen (90% van de gevallen). Er lijkt een erfelijke factor aanwezig te zijn, omdat het bij vrouwen vaak in de hele familie voorkomt. 

Meestal komt een hallux valgus in combinatie met een verkorte achillespees of een doorgezakte voet. Ook damesschoenen helpen niet mee. De schoen is vaak te smal en door de hoge hakken komt er extra druk te staan op de voorvoet. Dat is ook een mogelijke oorzaak van een hallux valgus. 

© Podotherapie Dorien Ketelaars Veghel: 0413-377262  Lichtenvoorde: 0544-767276 Realisatie: jpnweb.nl